Een eeuw in beweging: de kracht van vier generaties Pars
Sint. Jacobiparochie – Waar in de 19e eeuw het fundament werd gelegd door Johannes Wiltjes Pars en zijn zoon Gerrit Johannes Pars, begon in de 20ste eeuw een nieuwe fase. In deze tweede editie van ons jubileumverhaal reizen we naar het jaar 1899 tot 1975 – een periode waar George Pars Graanhandel B.V. transformeerde. Wat in 1850 begon met zakken graan op de kar, is in de loop van een eeuw uitgegroeid tot een bedrijf met handel in granen, kunstmest, gewasbescherming en nieuwe opslagloodsen voor los product, certificeringen, exportetiketten en meer personeel.
Toen Gerrit Johannes Pars in 1892 het bedrijf van zijn vader Johannes overnam, bleef hij trouw aan de graanhandel die zijn vader had opgezet. Maar al snel breidde hij het assortiment uit. Koolzaden, raapzaden, aardappelen, katoenzaadmeel en mangelwortels vonden hun weg naar de boeren in Friesland. Deze producten waren van groot belang als veevoer.
Een krantenartikel uit die tijd toont aan dat er partijen van 15 tot 20 ton mangelwortels te koop werden aangeboden – te bevragen bij G. Pars in St. Anna-Parochie.
De derde generatie: Jelte Gerrits Pars
Op 26 februari 1923 vond een belangrijke gebeurtenis plaats: de overdracht van de akkerbouwtak van Gerrit Johannes Pars aan zijn zoon Jelte Gerrits Pars. In een handgeschreven verklaring werd beschreven dat Jelte al jarenlang het vertrouwen van zijn vader had opgebouwd en dat het van belang was dat het bedrijf in eigen familiehanden te behouden. Twee jaar later, op 1 juni 1925, werd het bedrijf officieel ingeschreven onder de naam J. Pars.
In de decennia die volgden groeide het bedrijf gestaag. In 1942 werd de rechtsvorm aangepast naar een vennootschap onder firma: Firma J.G. Pars. Dat eind jaren ’40 gevormd werd door vader Jelte en zijn twee zonen Gerrit en George Pars. Uit archieven blijkt dat er in deze periode flink werd geïnvesteerd in kwaliteit. Zo verkocht het bedrijf lijnzaad en Friesche pootaardappelen van de klei met erkend certificaat, en zelfs met tweetalige etiketten voor de Franse markt. Daarmee is al vroeg sprake van een internationale blik: Avoine de semence – variété Zege (victoire) staat op één van de originele labels die nog steeds bewaard zijn gebleven.
Ook werd er al meer personeel gezocht voor het bedrijf. In 1946 werd een advertentie geplaatst waarin men op zoek was naar een actief persoon voor de boekhouding en administratie.
De vierde generatie: George Pars
Op 14 mei 1952 werd de voormalige havermoutfabriek in St. Annaparochie aangekocht van Koopmans Meelfabrieken N.V. voor 25.000 gulden – inclusief woning en terreinen. Twee decennia later, op 2 mei 1972, volgde de aankoop van het huidige adres in St. Jacobiparochie met loods, silo, weegbrug, machines en erf – voorheen van graanhandel Algra N.V. Een tijdlang werd op beide locaties gewerkt, tot de vestiging in St. Annaparochie werd verkocht en alle activiteiten werden samengebracht aan de K.L. Vriesstraat.
In de jaren ’60 en ’70 veranderde het werkproces snel. Op de combine werden de zakken gevuld met graan, maar al gauw werd er overgestapt naar losse granen wat in bulk opgeslagen werd in de loods. Ook werd gestart met contractteelten, waaronder graszaad voor Barenbrug en erwten en bonen voor Sluis & Groot. Het bedrijf groeide, er kwam meer personeel voor logistiek en opslag, en in de jaren ‘80 werd een eigen vrachtwagen aangeschaft voor bezorging in de buurt.
George Pars leidde in deze periode het bedrijf. Tien jaar lang werkte hij samen met zijn zoon Jelte Pars, die naast op kantoor ook werkte als adviseur. George werd gezien als een man met veel handelskwaliteiten op het gebied van granen en zaden. Op 14 oktober 1975 werd het familiebedrijf omgezet in een besloten vennootschap onder de naam George Pars Graanhandel B.V. onder leiding van George Pars. In 1987 ging George Pars senior met pensioen.
Friesche Handelsvereniging
In de jaren ’10 en ’20 waren leden van de familie Pars actief binnen de Friesche Handelsvereniging. Zowel Jelte Pars als neef Symen Pars werden benoemd tot leden van de commissies. De Friesche Handelsvereeniging had als doel de handel in Friesland te stimuleren en de Friese producten, zoals graangewassen, pootaardappelen en zaden te promoten. Ze organiseerde markten en beurzen waar boeren en handelaren hun producten konden verhandelen, en speelde een belangrijke rol in de export van Friese landbouwproducten naar landen, zoals Duitsland, België, Engeland en Frankrijk.
Via internationale beurzen en handelsmissies in steden als Leipzig en Parijs werden Friese producten actief gepromoot. Door het gebruik van certificaten voor kwaliteit en herkomst wisten Friese handelaren het vertrouwen van buitenlandse afnemers te winnen. Hierdoor konden onder andere zaden en pootaardappelen succesvol worden geëxporteerd naar markten in Duitsland, België, Engeland en Frankrijk. Ook op logistiek vlak bood Friesland sterke voordelen: met treinverbindingen, en scheepvaart via havens als Harlingen, Franeker en Leeuwarden, of per vrachtwagen, werd de export vergemakkelijkt. De Friesche Handelsvereniging bracht Friesland op de internationale handelskaart door markten te creëren, export te vergemakkelijken en de kwaliteit van producten te waarborgen.




























